Kies voor geluk; denk vaker aan je toekomstige dood

“In 2008 lag ik drie weken op een IC-afdeling, op het randje van de dood. Toen ik uit het ziekenhuis was ontslagen en – ter revalidatie – in een verpleeghuis ging wonen realiseerde ik me dat het niet verstandig was om te leven met het idee dat ik onsterfelijk was.

Ik maakte een bucket-list. Hoewel het nut daarvan beperkt is, dwong het me wel mezelf af te vragen wat ik nog erg graag in het leven zou willen doen.

Het werd een lijstje met wensen die anders zo makkelijk vergeten of uitgesteld worden. Zo keerde ik weer eventjes terug in een eerdere rol die ik in het (studenten)leven had vervuld, de rol van discjockey. Ik organiseerde met een vriend een reeks muziekavonden waarop ikzelf (met anderen) kon draaien. Ik vond het geweldig, en was blij dat ik dat nog een keer gedaan had.

Uiteindelijk gaat het natuurlijk niet om ‘de dingetjes’ die je nog wilt doen. Ik leerde dat het vooral gaat om hoe je die dood een plek geeft in het dagelijkse leven. Ik vind het prima om ruim 23,5 uur per dag níet aan mijn sterfelijkheid te denken. Maar door me af en toe wat minuutjes, misschien een kwartiertje, soms iets langer, te realiseren dat ik ooit van alles om mij heen afscheid moet nemen, geniet ik meer van alle tijd daaromheen.

Leven met de sterfelijkheid van mezelf in gedachten heeft me de nodige voordelen gebracht. Ik ging gezonder leven, met meer aandacht voor beweging. Ik ben dingen gaan regelen, zoals mijn uitvaartwensen. Voor mezelf, maar ook voor mijn naasten, bracht dat rust. Natuurlijk, ze zullen nog wel veranderen de komende decennia, mocht ik blijven leven, maar het is fijn dat ze nu op schrift staan.

Hoe pedant het misschien ook klinkt: mijn leven heeft meer betekenis voor mijzelf gekregen. Ik weet beter wat ik wel en niet wil. Ik handel daar ook naar, ik stel prioriteiten. Ik wil niet sterven met spijt over de dingen die ik níet heb gedaan, hooguit met spijt over alles wat ik wél gedaan heb. Ik laat geen ‘onafgemaakte zaken’ liggen. Ik leef meer naar ‘what you see is what you get’. Het leven duurt in feite maar even. Veel te kort om een nep-leven te leiden.

Vanuit deze ervaringen heb ik mijn werkzame leven een draai gegeven. Was ik eerder 100% journalist, nu is dat 75%. De rest van de tijd probeer ik – samen met mijn vrouw, in het Bureau MORBidee – andere mensen te verleiden te leven met de eigen dood in hun achterhoofd. We bieden allerlei diensten en producten aan waarop eigenlijk niemand zit te wachten, want ‘bewust zijn van je eigen sterfelijkheid’ past niet goed in een wereld die vooral draait om maakbaarheid en leukigheid. Toch zal ik ermee blijven doorgaan, want het voelt zinvol.

Iedere dag denken aan je eigen sterfelijkheid, is dat niet verschrikkelijk deprimerend? Ik krijg die vraag vaak, en antwoord tegenwoordig met een verwijzing naar Amerikaans onderzoek uit 2012 van Kenneth Vail.

De vooronderstelling is inderdaad dat nadenken over je dood je depressief, levensmoe en negatief maakt, maar volgens dat onderzoek is het tegendeel het geval: je wordt er juist minder depressief, positiever en levenslustiger van. Plus: je zelfbeeld gaat erop vooruit. Dat laatste heb ik overigens nog niet ondervonden, maar die andere voordelen kan ik beamen.

Dus als ik nog een tip voor een goed voornemen voor dit nieuwe jaar mag noemen: denk vaker aan je eigen toekomstige dood.

Proost!”

Gastblog van Rob Bruntink, @RobBruntink. Lees meer op bureaumorbidee.

Foto komt uit de collectie van Monique Paulina Jouvenaar-van Eerden.

Auteur: Mary

Mijn bio op twitter is aardig volledig: Kritisch, Nieuwsgierig, Moeder, Behulpzaam, Humor, Gehuwd, Regelaar, Spontaan, Flapuit, Creatieve geest, Ideeënbrein, Blogger, #twittertaalgids en oh ja ook nog: a-technisch ben ik.

Deel dit bericht

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *