Hier krijgt de endocrinoloog grijze haren van

Dag Bruce, jij bent internist en endocrinoloog. Wat doe jij als endocrinoloog precies?

Een endocrinoloog onderzoekt, behandelt en begeleidt mensen met een aandoening waarbij hormonen, hormoonproducerende organen, of de stofwisseling zijn betrokken. Ik vind het nog steeds een intrigerend deelgebied van de geneeskunde.

Ga jij met plezier naar je werk?

Dat hangt af van de files, alhoewel ik moet toegeven dat die hier in Noord Nederland zelden een probleem zijn. Het werk als specialist in een academisch ziekenhuis is erg divers en omvat zowel patiëntenzorg als onderwijs aan studenten, opleiden van arts-assistenten, organiseren en verzorgen van nascholing en wetenschappelijk onderzoek, en het begeleiden van jonge onderzoekers. Daarnaast heb ik vele nationale en internationale contacten op het gebied van wetenschappelijk onderzoek. Ik doe dat alles nog altijd met heel veel plezier.

Met wat voor patiënten heb jij te maken?

Ik heb te maken met een grote verscheidenheid aan patiënten. De lijst van aandoeningen, waarvoor een endocrinoloog wordt geraadpleegd, is lang. Relatief zie ik veel mensen met een schildklier aandoening, ziekte van de hypofyse of de bijnier en mensen met een – vaak erfelijke – stofwisselingsziekte.

Wat kan jij voor hen betekenen?

Veel endocrinologische aandoeningen zijn chronische aandoeningen, zoals hypothyreoïdie (een te langzaam werkende schildklier) of type 1 diabetes, waarbij de behandeling bestaat uit het aanvullen van het ontbrekende hormoon. Dat is soms eenvoudig: schildklier tabletten worden 1 x daags ingenomen, de meeste mensen met hypothyreoidie kunnen bij goede substitutie weer prima functioneren.

Helaas zijn er ook mensen die klachten blijven houden. Soms is het erg complex: bijvoorbeeld insuline behandeling met een pompje en een continue glucose-sensor bij mensen met type 1 diabetes. Andere endocriene aandoeningen kunnen met een adequate behandeling genezen zoals een te snel werkende schildklier, schildklierkanker, of een gezwel van de hypofyse.

Sta jij wel eens machteloos tegenover een patiënt?

Het woord ‘machteloos’ kan vele dingen betekenen. Soms voelt een arts zich machteloos, als ondanks alle adviezen en begeleiding het iemand nog steeds te moeilijk valt om adequaat voor zichzelf en zijn/haar ziekte te zorgen. Er is een groep van mensen die niet in staat is om bij diabetes tot goed zelfmanagement te komen, en die daardoor slecht gereguleerd zijn en veel complicaties van de ziekte krijgen.

Machteloos kan ik me dan wel voelen als iemand alweer ernstig verzuurd en brakend wordt opgenomen met een diabetische ontregeling, ontstaan door zijn of haar eigen ongezonde gedrag. Ondanks alle inspanningen die door ons diabetesteam zijn gedaan. ‘Machteloos’ voelen artsen zich ook, als er bij iemand sprake is van een snel progressieve ziekte, waarvoor eigenlijk geen genezing mogelijk is. Kanker van de bijnier is een dergelijke aandoening, die uitermate gemeen kan zijn. Gelukkig zeldzaam, maar heel ‘gemeen’.

Diabetes is een van jouw specialismen. Wat is het grootste vooroordeel over diabetes?

Het lijkt wel steeds meer dat iedereen met diabetes over één kam wordt geschoren omdat de aandoening wordt gezien als een ziekte die het logische gevolg is van een foute leefstijl; zeg maar ‘eigen schuld, dikke bult’. Dat doet geweld aan de werkelijkheid. Type 1 diabetes is een aandoening, waarbij je eigen afweersysteem de insuline-producerende cellen in je alvleesklier vernietigt. Geheel buiten iemands ‘schuld’.

Type 2 diabetes gaat vaak samen met overgewicht, maar ook in zo’n situatie is het veel te simpel om te denken dat iemand te zwaar is omdat hij/zij altijd te veel heeft gegeten en nooit heeft gesport. We leren steeds meer over welke erfelijke factoren het gewicht beïnvloeden. Ook is afvallen moeilijker dan algemeen gedacht wordt want het lichaam is gericht op zelfbehoud, en gaat al snel in een soort van ‘spaarstand’ wanneer iemand minder gaat eten.

Komen schildklierproblemen en diabetes in Nederland nu vaker voor dan bijvoorbeeld 10 jaar geleden? Spelen deze ziektes ook een grote rol bij onze buurlanden?

Diabetes zeker, daar hebben we goede getalsmatige gegevens over. Er wordt wel gesproken over een ‘diabetesepidemie’. Ondanks mijn opmerkingen eerder is de huidige leefstijl, waarbij we weinig lichaamsbeweging hebben en er voedsel in overvloed is, hier mede debet aan. Toch neemt diabetes bij ons niet zo snel toe als in landen die snel transformeren naar een westerse leefstijl zoals India, de Filippijnen, et cetera.

Over schildklierproblemen hebben we minder gegevens. Wel zien we dat schildklieraandoeningen als bijvoorbeeld hypothyreoïdie sneller worden vastgesteld. Enerzijds omdat er eerder aan wordt gedacht, zelfs al bij vage klachten en anderzijds omdat de laboratoriumbepalingen steeds sneller gaan; 25 jaar geleden moest je een week op de uitslag van TSH en vrijT4 wachten, nu duurt het nauwelijks langer dan een uurtje.

Speelt de zorgverzekeraar een rol in jouw patiëntencontacten?

Dit is zo’n grijze haren vraag. In mijn rechtstreekse patiëntencontacten speelt een zorgverzekeraar geen rol (denk ik). Wel in wat er daarna komt, bijvoorbeeld de vergoeding van bepaalde behandelingen. Het Nederlandse zorgsysteem is een prima systeem, met goede toegankelijkheid tot zorg en vergoeding van behandelingen.

Wanneer het echter een beetje speciaal wordt, en iemand niet met de gangbare medicamenten kan worden behandeld, dan zal een specialist vaak aan de zorgverzekeraar vragen om bijvoorbeeld een niet-officieel geregistreerde behandeling te vergoeden. De opstelling van een zorgverzekeraar kan dan meestal worden samengevat als ‘kan niet, mag niet, wil niet’. Ik geef enkele voorbeelden:

1. iemand was door erg haar best te doen zo’n 45 kg afgevallen. Helaas ging haar buikhuid daarna erg hangen, met grote smetplekken en infectieproblemen als gevolg. De zorgverzekeraar weigerde een operatieve correctie omdat deze dame nog steeds ‘te zwaar’ was (criterium was: BMI – body mass index – moest onder de 30 kg/m2 zijn). Uiteindelijk ging de zorgverzekeraar overstag, nadat ik beroep had ingesteld bij de ombudsman zorgverzekeringen.

2. één van mijn patiënten gebruikt een bijzonder medicijn voor een bijzondere aandoening die leidt tot ernstige vorming van nierstenen. Ieder jaar MOET ik een nieuwe machtiging voor vergoeding van dit medicijn aanvragen. De man is 46 jaar oud (!), maar op mijn verzoek een machtiging voor bijvoorbeeld 5 jaar toe te kennen, werd negatief gereageerd. Het moet IEDER jaar. Ik stuur nu jaarlijks een fotokopietje van dezelfde aanvraag gedateerd in 2012 naar de zorgverzekeraar. En ieder jaar wordt de machtiging weer toegekend. Bureaucratisch geleuter.

Hoe ziet jouw leven er over 15 jaar uit?

Eigenlijk geen flauw idee. Uitkijkend over de Middellandse Zee in de buurt van Barcelona lijkt me wel wat. Ik hoop overigens na mijn pensioen nog leuke (endocrinologische) dingen te kunnen blijven doen.

Bedankt Bruce Wolffenbuttel voor dit gesprek. Bruce is te volgen op Twitter @bhrw en hier te lezen: www.gmed.nl

Foto komt uit de collectie van Jet Rood/ @RoodJet

Auteur: Mary

Mijn bio op twitter is aardig volledig: Kritisch, Nieuwsgierig, Moeder, Behulpzaam, Humor, Gehuwd, Regelaar, Spontaan, Flapuit, Creatieve geest, Ideeënbrein, Blogger, #twittertaalgids en oh ja ook nog: a-technisch ben ik.

Deel dit bericht

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *