Meneer, u bent geweldig!

‘Stel je niet zo aan, je lijkt wel een klein kind! Kom op, je hebt al heel wat meegemaakt dus ontspan en hou je groot.’ Boos keek ik mezelf in de ogen. Na deze peptalk sloeg ik drie keer op mijn wangen. Oei, iets te hard maar het voelde goed.

En daar ging ik, met het lood in mijn schoenen, op weg naar de slachtbank.

Allerlei scenario’s hadden in mijn hoofd al de revue gepasseerd maar ik had besloten om mijn verstand op nul te zetten óf ingewikkelde dingen te bedenken.

Ik kwam binnen in de wachtkamer, zag een leuke man in een witte jas lopen en vroeg: ‘Heb ik jou?’ (tut, dacht ik te laat, wie zegt dat nou). Hij ontkende op een manier alsof hij teleurgesteld was. Of zag ik het verkeerd en was het opluchting?

‘Sjips’, ging er door mijn hoofd, ‘wie heb ik dan wel?’

Dat werd mij al snel duidelijk. Een erg onbekende man zat mij al op te wachten. Zijn accent maakte duidelijk dat hij niet van hier kwam. Mijn hartslag sloeg over. Geen vertrouwd gezicht. Niet dat ik hier de deur plat loop maar het voelde opeens erg ongemakkelijk. Alsof ik bij een te jonge mannelijke gynaecoloog uit de kleren moest.

‘Ga maar liggen’ waren zijn eerste woorden. Ik dacht, laat ik het ijs maar breken en nu mijn hart gaan luchten vóórdat het niet meer kan. Ik vertelde beknopt (want zijn tijd was kostbaar) wat er gebeurt was en ik sprak uit wat ik nooit eerder durfde uit te spreken.

‘Ik ben ontzettend bang voor jou!’ flapte ik er dus zo maar hatsjiekiedee uit.

In een notendop verhaalde ik over mijn zeer pijnlijke, niet uit het geheugen te krijgen, traumatische ervaringen. Hij knikte. Ik wilde vragen of ik onder narcose mocht maar ik zei: ‘Je mag me geen pijn doen, dus doe maar een sterke verdoving.’

Ik hoorde de jonge assistente vragen ‘rood of blauw?’ ‘Blauw’ zei hij stellig. En voordat ik het in de gaten had zat de verdoving (altijd onthouden: vragen om blauwe verdoving!) er pijnloos in.

‘Zal ik nu naar de wachtkamer gaan?’ vroeg ik enigszins onduidelijk. ‘Niet nodig’ zei hij vanachter zijn mondkap. ‘Mond goed open doen.’

‘Wacht!’ ik zei het niet, ik riep het zo wat. Ik keek de assistente smekend aan en vroeg haar: ‘Mag ik je hand vasthouden?’ Haar warme hand over mijn ijskoude hand voelde goed. Beschermend.

Gespannen, bijna verkrampt, lag ik daar een dik half uur met een stijgende bloeddruk in een oncomfortabele positie. Ik lag te tellen, een blog te verzinnen en probeerde een te moeilijke rekensom op te lossen. Ik ben geen rekenwonder dus dat laatste lukte voor geen meter.

Ik zag diverse in maat verschillende boren langskomen, klemmen, tangetjes en tampons. Voor de rest hield ik mijn ogen zoveel mogelijk dicht.

Slijm hoopte zich op in mijn keel maar ik mocht niet slikken. In gedachten zag ik mezelf al stikken, daar in die tandartsstoel. Zou ik daarmee de kranten halen?

Eindelijk, eindelijk, eindelijk was het boren niet meer nodig. Wat volgde duurde nog best lang. Voor mijn gevoel werd er uren besteed aan het modelleren van een nieuwe kies.

En toen was het klaar. Ik mocht weer rechtop zitten maar ik moest blijven wachten want ik was een tikkie licht in mijn hoofd. Ik wilde deze voor mij onbekende man eigenlijk wel zoenen maar hield het beschaafd.

Ik gaf hem een hand en zei met een half verdoofde mond: ‘Voor het eerst in mijn leven heb ik niks gevoeld bij de tandarts, u bent geweldig!’

Dat de verdoving na de aangegeven twee uur niet weg was, maar pas na vijf uur, gaf helemaal niks. Zou het een paardenmiddel zijn geweest, dat blauwe?

Dat ze mij thuis voor gek verklaarden na het aanhoren van dit verhaal, maakt mij helemaal niets uit. Ik had voor het eerst in mijn leven mijn angst uitgesproken en ik had geen pijn!!

(Naschrift: Mijn zonen hebben mij met klem afgeraden om dit blog te plaatsen)

Auteur: Mary

Mijn bio op twitter is aardig volledig: Kritisch, Nieuwsgierig, Moeder, Behulpzaam, Humor, Gehuwd, Regelaar, Spontaan, Flapuit, Creatieve geest, Ideeënbrein, Blogger, #twittertaalgids en oh ja ook nog: a-technisch ben ik.

Deel dit bericht

5 Reacties

  1. Hahaha wat een grappig verhaal! Oooh, ik lach je niet uit hoor want angst is erg! Wat voor de één een peulenschilletje is, kan voor de ander de grootste en dikste schil van de meest gruwelijke boon zijn. Nee ik lach om de dosis humor zoals jij het beschrijft.
    Je kan er weer even tegen, als het goed is hoef je er voorlopig niet meer heen.
    Wil je wel even nog tegen jouw zonen zeggen dat ik het erg leuk en dapper vind dat hun moeder dit blog heeft geplaatst 🙂

    Laat een reactie achter
  2. Heel herkenbaar! En tandartsen kennen dit ook, dus het is altijd zinvol om die angst uit te spreken en te overleggen: is verdoven nodig? Wat moet er gebeuren? Hoe pakken we dat aan?
    Ik ging na een tijdje tandarts negeren weer eens, met hangende pootjes, wegens kiespijn. Er bleek niets aan de hand – de kiespijn was psychisch geweest. De keer erna had ik een gaatje, er moest geboord worden. Ik piepte benauwd dat ik verdoofd wilde worden, en de tandarts zei: “Dat wil ik best doen, maar zo’n verdovingsprik is pijnlijk, en dat gaatje is zo klein, dat je er waarschijnlijk toch niets van voelt. Als we nu afspreken dat ik gewoon begin, en als je het niet trekt, dan steek je je hand op, dan ga ik aan mijn administratie werken terwijl jij probeert te ontspannen, adem in adem uit, en dan gaan we verder. Gaat het niet, dan verdoof ik alsnog.” Het duurde allemaal wat langer dan gebruikelijk, maar hij had gelijk: verdoven was (in dit geval) niet nodig.
    Sindsdien laat ik het over aan de tandarts, en bij een nieuwe tandarts leg ik dit verhaal uit, en zeg ik ook: ‘Als ik m’n hand opsteek, MOET je stoppen, anders neem je het risico dat ik wegloop en niet meer terugkom’ – het gaat altijd goed. Bij een diepe vulling een verdoving, en anders niet tenzij het alsnog pijnlijk is (wat weleens gebeurt).
    Inmiddels vind ik een bezoek aan de mondhygiëniste meestal erger dan aan de tandarts ;p
    Gelukkig is er tegenwoordig meer aandacht voor de mens ‘achter het gebit’, en er zijn ook gespecialiseerde angsttandartsen die met roesjes werken of desnoods volledige narcose.
    Dus echt, je bent niet de enige. En waarom zou je niet mogen toegeven dat je tandartsafspraken niet je favoriete dates zijn 😉

    Laat een reactie achter
  3. De tandarts? Wat een drama! Ik ben er ook vreselijk bang voor. Hart in de keel. Kokhalzen. Ik krijg vaak als tip om door de neus te ademen. Hoe dan? Alsof dit lukt als je met je mond wagenwijd open ligt.
    Voor jou zit de tandarts er weer voor een tijdje op. En nee, je hoeft geen pijn te hebben. Gelukkig maar!
    Ondanks de adviezen van je zoons, ben ik blij dat je dit blog hebt geplaatst. Je zult zien hoeveel mensen zich hierin herkennen.

    Laat een reactie achter
  4. Haha, Ik ben ook niet echt dapper bij de tandarts. Ik heb de link van dit blog doorgestuurd aan een vriendin, die soortgelijke gevoelens voor de tandarts heeft. Ik hoop dat ze er ook een beetje om kan lachen,(als een boer met kiespijn) omdat ze het zo herkent. Mary, dank je wel en voor de rest van je leven…. Het kan dus zonder pijn :-))

    Laat een reactie achter
  5. Hahaha… heel herkenbaar Mary,was vorige week bij mijn nieuwe tandarts en wist ook niet wat ik verwachten kon.Flitst er door mijn hoofd dat ik niet zo flauw moet doen,uiteindelijk heb ik al zoveel mensen moeten bloedprikken of spuiten en zelfs reanimeren.Moet ik dan bang zijn bij de tandarts en als ik eerlijk ben is mijn antwoord dus ja!

    Laat een reactie achter

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *