De psychotraumatoloog vertelt

Dag Rik, ben jij geworden wat jij wilde worden?

Ik wilde als kind verschillende dingen worden. Iets met sport, iets met lesgeven. In ieder geval iets met mensen en helpen. Ik ben uiteindelijk leraar geworden en heb ongeveer drie jaar lesgegeven in een justitiële jeugdinrichting (JJI).

Ik wist echter tijdens de opleiding tot leraar al dat ik geen leraar zou blijven. Ik raakte namelijk geïnteresseerd in hoe kinderen zich ontwikkelen, hoe bepaalde problemen op dit vlak ontstaan en met name hoe zij hiermee geholpen kunnen worden. Ik ben toen tijdens mijn werkzaamheden in de JJI psychologie en orthopedagogiek gaan studeren.

Gaandeweg merkte ik dat het meemaken van een ingrijpende levensgebeurtenis vaak aan de basis staat voor het ontstaan van allerlei nare psychische klachten. Zeker in de justitiële jeugdinrichting dacht ik dit destijds veel te zien. Ik ben me er meer in gaan verdiepen, heb opleidingen in de psychotraumatologie gevolgd en ben gaan werken binnen de kinder- en jeugdpsychiatrie om me verder te kunnen ontwikkelen als behandelaar. Daar ben ik nu nog steeds mee bezig in de vorm van opleidingen volgen en wetenschappelijk onderzoek verrichten.

Wat doe jij als psychotraumatoloog precies?

De opleiding tot psychotraumatoloog heb ik gevolgd in Leuven, aan het Belgisch Instituut voor Psychotraumatologie en EMDR. Het is een brede opleiding met verschillende toepassingsgebieden. Een psychotraumatoloog kan werkzaam zijn binnen verschillende sectoren, zoals defensie, de (Jeugd)GGZ of de acute opvang. Hoewel er dus verschillende toepassingsgebieden zijn, is de overeenkomst dat de psychotraumatoloog werkt met mensen of groepen die ingrijpende gebeurtenissen hebben meegemaakt.

Zelf werk ik in de kinder- en jeugdpsychiatrie (KJP). Als psychotraumatoloog binnen de KJP kijk ik samen met ouders/verzorgers en andere betrokkenen of er een relatie is tussen de klachten waarmee een kind is aangemeld en het –eventueel- meemaken van traumatische gebeurtenissen. Je kunt hierbij denken aan het meemaken van geweld, mishandeling, misbruik (vormen van interpersoonlijke traumatisering) en pesten.

Kinderen kunnen ten gevolge hiervan ernstige klachten ontwikkelen zoals beschadigingen in het zelfbeeld, emotieregulatie problemen en traumatische herbelevingen. Deze klachten kunnen dermate ingrijpend zijn dat kinderen zich somber gaan voelen, zich moeilijk kunnen concentreren op school of moeite hebben in sociale contacten. Vaak is er dan sprake van een posttraumatische stress-stoornis (PTSS).

Wanneer ik vermoed dat er een verband is tussen het meemaken van ingrijpende levensgebeurtenissen en de klachten waarmee een kind komt, dan stel ik meestal voor om hen hiermee te helpen. Er zijn namelijk goede behandelingen voor traumagerelateerde klachten, zoals EMDR of traumagerichte cognitieve gedragstherapie. Na uitleg hierover aan betrokkenen begin ik het liefst zo snel mogelijk met een traumagerichte behandeling. Kinderen kunnen namelijk zo ontzettend veel last hebben van posttraumatische stress, dan moet je als behandelaar zo snel mogelijk beginnen met een effectieve behandeling. Meestal verdwijnen de klachten na een aantal sessies.

Wat is het verschil tussen jouw werk en dat van een psycholoog of psychiater?

Het is lastig om daar in zijn algemeenheid iets over te zeggen omdat het afhankelijk is van de instelling waar de collega werkt en zijn of haar persoonlijke referentiekader. Er zijn wat mij betreft meer overeenkomsten dan verschillen. De intentie waarmee we werken is gelijk. Kinderen, jongeren of volwassen komen bij ons met psychische klachten.

Beide beroepsgroepen kijken hoe de klachten zijn ontstaan, wat de ernst van de klachten is, hoe die klachten van invloed zijn op het dagelijks leven en het gezinsleven. Vervolgens wordt er gekeken hoe iemand het beste geholpen kan worden. In dit proces zijn er wel enkele algemene verschillen. Een belangrijk verschil is gelegen in de vooropleiding. Psychiaters hebben een medische vooropleiding en de meeste psychotraumatologen/psychotraumatherapeuten hebben een vooropleiding in een van de gedragswetenschappen.

Zijn er raakvlakken met het werk van Andréa Walraven?

Ik ben benieuwd hoe Andrea hier naar kijkt. Ik denk dat onze werkzaamheden deels in elkaars verlengde liggen. Wanneer mensen schokkende gebeurtenissen mee maken dan voorziet Andrea in eerste ondersteuning en opvang. Zij is daar met haar team als het net gebeurd is. In alle hectiek en chaos. Zij helpt op verschillende manieren om hulpverleners, slachtoffers, nabestaanden en andere betrokken, zichzelf en elkaar te helpen en te steunen. Vaak is dit genoeg. Soms is een gebeurtenis echter te ingrijpend om op dat moment te kunnen verwerken en ontwikkeld diegene posttraumatische stressklachten. Wanneer dat het geval is dan wordt er meestal verwezen naar de basis- of specialistische GGZ en wordt individuele behandeling overwogen.

Een ander belangrijk verschil is dat Andrea volgens mij vaak met groepen werkt en specifiek gericht is op eerste hulpverlening na rampen, ongelukken en suïcides. Mijn werkzaamheden als psychotraumatoloog in de KJP (specialistische Jeugd GGZ) zijn over het algemeen alleen met kinderen en hun gezinnen. Soms doe ik wel eens een traumagerichte behandeling bij een kind dat een ongeluk heeft meegemaakt. Maar meestal worden deze kinderen goed geholpen door collega’s als Andrea en, indien nodig, in de basis-GGZ. De psychotraumatoloog binnen de specialistische Jeugd-GGZ behandelt doorgaans klachten die zijn ontstaan door andere vormen van traumatisering, zoals interpersoonlijke traumatisering of pesten.

Hoe kom je los van je werk?

Ik werk in een prettig en veilig team, waar genoeg ruimte is om met elkaar stil te staan bij gebeurtenissen in de behandelkamer. Dat ervaar ik als helpend. Echter, echt helemaal los komen van mijn werk is niet mijn sterkste kant. Ik ben nogal leergierig en tamelijk onbegrensd in mijn drang om me nieuwe dingen eigen te maken of te weten te komen. Meestal heb ik er dan ook geen last van dat ik veel met mijn vak bezig ben.

Bedankt Rik Knipschild, @r_knipschild voor dit gesprek.

Foto komt uit de collectie van Erik Koeslag.

Auteur: Mary

Mijn bio op twitter is aardig volledig: Kritisch, Nieuwsgierig, Moeder, Behulpzaam, Humor, Gehuwd, Regelaar, Spontaan, Flapuit, Creatieve geest, Ideeënbrein, Blogger, #twittertaalgids en oh ja ook nog: a-technisch ben ik.

Deel dit bericht

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *