Is er iets?

Is er iets?Zodra Carla de deur dicht hoort vallen zet ze de pan met soep op de gezellig gedekte tafel. De kinderen zitten al klaar om aan te vallen. Na vijf minuten komt Hans gehaast de kamer binnen. Hij groet de kinderen met een aai over hun bol en kust Carla vlak bij haar oor. Hij ploft aan tafel en houdt zijn bord al bij de pan. Carla schept hem zwijgend op, daarna vult ze de borden van haar kinderen en tot slot schept zij zichzelf ook een klein beetje soep op.

“Hoe was het op school?” vraagt Hans de kinderen terwijl hij zijn stropdas los maakt en achteloos op de bank gooit. Onder het op lepelen van de soep volgt  een kort verslag van hun schooldag. Zodra de soepborden leeg zijn zet Carla de sperzieboontjes, aardappels, en karbonades op tafel. In dezelfde volgorde als bij de soep schept ze ook nu de borden van een ieder vol. Ze heeft wederom haar best gedaan, haar gezin geniet zicht- en hoorbaar van de maaltijd. Zelf geniet ze helemaal niet. Ze eet nauwelijks iets. Ze vraagt Hans naar zijn werkdag. Er volgt een langdradig, saai verslag. Halverwege haakt Carla al af en luistert al niet meer. Ze ziet Hans naar haar kijken.

“Is er iets?” vraagt hij met een bezorgde blik in zijn ogen. “Nee” antwoord Carla, terwijl ze haar blik op haar bord houdt. Na een paar tellen stilte vraagt Hans hoe haar dag was. “Oh gewoon, zoals elke dag.” Carla is kort in haar antwoord. “Is dat alles?” vraagt Hans. “Heb je geen leuke klanten gehad vandaag?” Hij probeert een reactie los te krijgen maar vangt bot. Ondertussen werpen de kinderen elkaar steelse blikken toe. Blikken die elkaar waarschuwen om vooral zo snel mogelijk door te eten en zodra het kan naar boven te verdwijnen.

Later op de avond, nadat Hans nog wat werk heeft gedaan en Carla een wasmand vol strijkgoed heeft weg gewerkt gaan ze samen op de bank zitten. Hij pakt een biertje, schenkt voor Carla een wijntje in en zet een film op. Een film die Carla helemaal niets vindt dus pakt ze haar boek. Hans kijkt geconcentreerd naar de film. Carla doet alsof ze leest. Ze slaat af en toe een bladzijde om maar kan zich totaal niet op het verhaal concentreren. Op een gegeven moment trekt Hans haar naar zich toe om haar een kus in haar nek te geven. Carla ondergaat het gelaten maar reageert niet. “Is er echt niets?” vraagt Hans nogmaals, terwijl hij zijn blik op de tv houdt. “Nee hoor” reageert Carla opnieuw kortaf terwijl ze doet alsof ze verdiept is in haar boek. In stilte brengen ze de avond samen door.

Ook de vaste rituelen in de badkamer doen ze ieder in stilte. Carla is klaarwakker als ze het bed in stapt. Hans, die wat meer tijd nodig heeft in de badkamer, stapt wat later al gapend het bed in. Na een korte welterusten kus doet Hans het nachtlampje uit. Als hij bijna in slaap is gevallen hoort hij Carla gesmoord zeggen: “Ik moet met je praten.” Hans is in een klap wakker maar houdt zich slapende. Hij baalt. Inwendig zucht hij diep. Zo gaat het nu altijd.

Auteur: Mary

Mijn bio op twitter is aardig volledig:
Kritisch, Nieuwsgierig, Moeder, Behulpzaam, Humor, Gehuwd, Regelaar, Spontaan, Flapuit, Creatieve geest, Ideeënbrein, Blogger, #twittertaalgids en oh ja ook nog: a-technisch ben ik.

Deel dit bericht

4 Reacties

  1. Jammer dat hij doet alsof hij slaapt. Ze zouden die tijd goed kunnen gebruiken. Op deze manier wordt er niets opgelost en wordt alleen maar erger.
    Zo, het antwoord dat iedereen geeft, maar ook de situatie is zo heel bekend. We weten hoe het moet, maaar doen het vaak niet.
    Dom

    Laat een reactie achter
  2. Hij pakt een biertje en schenkt haar een glaasje wijn in ,toen had ze moeten praten !.
    In bed was hij bijna in slaap ,en dan is het knap lullig zo !.
    Maar s´avonds bij een drankje of hapje ,dat is het moment om fijn te praten met elkaar.

    Laat een reactie achter
  3. Een raad die mijn vader me meegegeven heeft op mijn huwelijksdag….luister steeds naar elkaar, praat samen en ga nooit of te nooit slapen met een probleem…..niet altijd makkelijk al zeg ik het zelf…..

    Laat een reactie achter
  4. Heel herkendbaar. Zo gaat t wel vaker als je met een probleem zit. Dan kan je jezelf redelijk afleiden, en hoef je er niet over te praten. Tot dat je zelf naar bed gaat. Dan krijg je er last van en moet je praten. Niet helemaal eerlijk tegenover de ander. Het had wel eerder gekund en dat geeft het goede gesprek een valse start.

    Laat een reactie achter

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *